Voor het eerst in een lange tijd word ik pas na 9 uur wakker, de zon schijnt binnen. Ik hoor zaterdaggeluiden: buren die babbelen op straat, ergens snerpt een slijpschijf. Iemand rijdt het gras af, er is een radio die speelt. Later op de dag zal het naar gebraden vlees en houtskool ruiken. Het wordt de laatste mooie dag voorlopig, dus ik heb me voorgenomen om ook wat in de tuin bezig te zijn. Zaailingen verspenen, het gras afrijden, een moestuinbak onkruidvrij maken en er courgetten in planten. Het gaat wat trager dan de jaren ervoor. Mijn bonen blijven grotendeels onder grond zitten, wat er toch de kop opsteekt lijkt niet altijd in even goede gezondheid. Vorige week heb ik wat lopen prielen met larven van lieveheersbeestjes die de bladluizen op de rozen zouden moeten opvreten. Ik vrees dat ik binnenkort toch weer aan de slag moet met water en zeep, dat lijkt efficiënter.
Enkel de aardappelen doen het goed, die trekken zich nergens iets van aan.
Mijn dochter heeft last dikke ogen, hooikoorts. Ze zegt dat het niet mag verwonderen als iedereen op dezelfde dag het gras afdoet. Ook ik nies en proest een beetje. De kat verschuilt zich onder de braamstruiken bij de buren en komt enkel tevoorschijn om andere poezen op het dak de stuipen op het lijf te jagen. Ik zeg dat ze beter vrienden zou maken, zodat ze een alliantie kan maken tegen de megakat. Ze negeert me. De dag glijdt voorbij, plots is het tijd om te koken en te eten. Brochettes, gegrilde paprika, patatjes.
Na het avondeten kijken we naar Moonlight, een poëtische film over een zwijgzaam jongetje waarvan de anderen al vroeg aanvoelen dat hij anders is. Dat is een eufemisme voor homo, en daarom wordt hij opgejaagd en gepest door zijn klasgenoten. Zijn moeder is bovendien verslaafd en af en toe behoorlijk gemeen tegen hem. Af en toe kan hij terecht bij een koppel dat zich over hem ontfermt, maar ook daar blijft hij op zijn hoede. De film bestaat vooral uit momenten van ongemakkelijk zwijgen en onderhuidse spanningen met af en toe een uitbarsting. Tegelijkertijd spreekt er poëzie uit, vooral dan door die stiltes. Ook de beelden zijn mooi, doordacht, terwijl het toch allemaal toevallig lijkt. Het loopt natuurlijk grondig mis, in de film. Op een mesthoop groeit zelden een roos, en dan nog staat die op een mesthoop wat verloren te bloeien natuurlijk. Op het einde komt het een beetje goed, of die suggestie wordt toch gedaan. Ik ben blij dat het zo eindigt, en niet Hollywoodiaans, met een grote finale en tranerige verzoeningen.
Ik heb nog 4 filmtickets liggen, die geldig zijn tot in december. We kregen ze omdat we tijdens de Kerstvakantie naar de nieuwe Disney-film gingen. Halverwege ging het licht uit en dat ging toen niet meer aan. Het was toen druk in de stad, mensen in dikke jassen deden inkopen voor de feestdagen. Wij probeerden de mensenmassa te ontlopen, hadden geen zin of interesse in de Kerstmarkt, het reuzenrad, oliebollen of warme wijn. We liepen de drukke winkelstraat uit en vonden onderdak in een Japanse noedeltent.
