Bloed

Er zit niets in mijn bloed dat aanleiding zou kunnen geven tot ongerustheid. Een beetje weinig ijzer misschien, maar dat is een oud zeer. Volgens een vriend zorgt ijzertekort voor een rem op je cognitieve vermogens, dus ik eigenlijk ben ik slimmer dan ik ben. Verder doet mijn bloed wat het moet doen, het stroomt gezapig van mijn oren naar mijn tenen en terug. Het hapert nergens onderweg, vreet zichzelf niet op en valt mijn ingewanden niet aan. Het is een gemak, dat moet ik toegeven. Mijn bloed houdt mijn vingers warm  al wordt mijn neus soms een beetje rood van de kou.

Iemand heeft me dit bloed gegeven, ik heb er zelf niets voor moeten doen.

In de serie ‘I may destroy you’ snijdt een personage zichzelf op een bepaald moment met een scheermesje in haar dijen. Later in de klas loopt het bloed in haar sokken, tot afgrijzen van de andere scholieren. Verder ben ik er nog altijd niet uit of ik ‘I may destroy you’ een goede serie vind. De irritante twintigers halen me het bloed onder de nagels vandaan, maar het kan ook zijn dat ik me erger aan mezelf op die leeftijd. In de reeks wordt het hoofdpersonage verkracht tijdens een avondje uit. Althans, dat denkt ze, want helemaal zeker is ze niet. Iemand heeft iets in haar drankje gedaan en haar herinneringen aan de nacht zijn nogal wazig. Maar het bloed kruipt waar het niet kan gaan en de traumatische beelden dringen zich aan haar op tot ze beseft dat dit hààr is overkomen.

Uiteindelijk zijn de ergerlijkste personages de beste personages. Ze zijn complex en niet afgevijld. De scherpe kantjes zijn gebleven en daar blijf je soms aan haken. Arabella is niet het perfecte slachtoffer en soms dringt zich de gedachte ‘zoek je het niet een beetje zelf’ zich aan je op. (Ook ik ben ongepolijst, imperfect en af en toe astrant).

In de krant duikt met de regelmaat van de klok de kop op dat ‘de slinger is doorgeslagen’ als het over MeToo gaat. Liefst legt de clevere journalist die woorden in de mond van een vrouw, want zo scoor je misschien nog een relletje op sociale media. Doorgeslagen. Alsof niet al millennia lang vrouwen en hun aspiraties worden weggehoond, vernederd, uitgegomd. Alsof deze wereld niet voor en door mannen is gemaakt die nooit zien hoe vrouwen de leeuwenkuil in gestuurd worden als ze iets willen. We leren zwijgen en dat wordt dan tegen ons gebruikt. We spreken en zien jaren voorbijgaan zonder dat er iets gebeurt want de universiteit is geen rechtbank.

Afgelopen weekend – in een verloren uur tussen komen en gaan – en toen onverhoopt de zon scheen ontfermde ik me nog eens over mijn verwaarloosde tuin. Ik snoeide de buddleja, kortwiekte de opgeschoten rozenstammen en de passiflora.  De poes volgde me nieuwsgierig en trachtte te bevatten wat ik deed en ging toen haar nagels scherpen aan de houten omheining. De kat van de buren joeg ze weg, alsof dat beest haar iets verkeerd had gedaan.

Plots hapt de tuinschaar een stuk vel uit mijn hand weg. Bloed welt op.

Plaats een reactie