Woensdag 22 april

Er gebeurt van alles, meestal buiten mij om. Andere mensen fietsen in deze tijden onbetamelijke afstanden, lezen merkwaardig veel boeken, leren een andere taal of wonen 24/7 allerlei webinars bij, kijken NetFlix leeg of zetten zich koortsachtig in voor allerlei burgerinitiatieven. Ze maken stickers en affiches, muurschilderijen of krijten boodschappen op straat en op de stoep. In sommige huishoudens ratelt de naaimachine onophoudelijk en rollen er mondmaskers van de band. Sommige mensen rapporteren merkwaardige en levendige dromen met de meest vreemde details. Er is blijkbaar ook voor dit fenomeen een wetenschappelijke uitleg. Er zijn mensen die zagen en klagen en vragen stellen bij elke maatregel die uitgevaardigd of bijgestuurd wordt. Als het tuincentrum open mag, dan waarom het museum niet? Als het eerste leerjaar straks naar school mag, waarom blijft de kleuterschool dan dicht?

Mijn brein weigert zich in dat minotaurus labyrint te begeven. Elke vraag roept weer nieuwe vragen op, het is een onontwarbaar kluwen van consequenties en gevolgen die uiteindelijk enkel tot een grote onbekende te herleiden zijn. Er is niemand die weet wat ons aan de andere kant van dit wormgat te wachten staat. Het enige dat we kunnen doen is gissen, improviseren en hopen dat we de boel min of meer onder controle hebben. Ik zou eens een managementboek moeten lezen, zodat mezelf definitief als ‘slechte leider’ kan laten wegzetten. Langs de andere kant: ik ben ook een bijzonder slechte volger, dus echt opschieten doet dat niet.

Ik snap het wel, dat de vragen moeten gesteld worden, de mondmaskers genaaid (al is het maar om iemand iets quasi-nuttig te doen te geven), de kranten volgeschreven, de uitweg uit het moeras gezocht. Iets met een dwaallicht dat we allemaal volgen, of we nu willen of niet.

Ik sproei tussendoor de moestuin, speur de hemel af naar regenwolken die nooit komen. Vraag me af hoe het komt dat de bonen niet allemaal tegelijk boven de grond komen piepen en waar de sluimererwten blijven. Feliciteer mijn courgetteplantjes met hun flinke groei. Ik maak een presentatie voor school, bereid een les voor, controleer campagnes. Ik vul de afwasmachine, druk gedachteloos op de knop, kook, eet, stofzuig, ruim op, scroll door Facebook, aai de kat en geef haar eten waar ze haar neus voor ophaalt. De radio speelt, ik luister naar flarden muziek. Op Twitter lees ik iets over het Stockholmsyndroom dat eigenlijk helemaal niet bestaat. En seksistisch is.

Eerder deze dag heb ik mijn lief overgehaald om samen te gaan fietsen. Na een kilometer of tien besef ik dat ik misschien wat te overmoedig ben geweest, maar uiteindelijk fietsen we anderhalf uur in de avondzon door dreven en landweggetjes. De rand rond Gent blijkt bezaaid met grote landhuizen en kleine kasteeltjes in stille parken. Een auto toetert luid en verontwaardigd omdat hij even moet uitwijken op een verder lege baan.

’s Avonds zet ik nog Ter Zake op, maar mijn aandacht verslapt snel. Het lijkt alsof ik verdrink in alle feiten, weetjes, opinies en richtlijnen die op me worden afgevuurd.

Eens in bed val ik snel in slaap, alsof ik in een put val.

polar inertia

 

 

Plaats een reactie