Zondag 31 mei

In de stilte van de ochtend stap ik naar de bakker, blijf netjes buiten wachten tot ik veilig binnen kan. Ik vraag me af hoe het er aan zal toegaan als het herfst wordt en het koud is en regent … Ik kan het me maar moeilijk voorstellen, nu de temperaturen doen denken aan hoogzomer. Onderweg steek ik twee boeken in de weggeefkast die ik op mijn pad vind, ik haal er eentje uit (werk, werk, werk van Christophe van Gerrewey, een duidelijk ongelezen exemplaar).

Kort na de middag rijden we naar Brussel, mijn lief en ik. Eindelijk kunnen we nog eens een museum bezoeken, we gaan kijken naar de Oude Meesters in het Museum voor Schone Kunsten. We hebben een tijdsslot gereserveerd, her en der staan dispensers met handgel, het personeel draagt een masker, sommige bezoekers ook. Ik heb er mee, maar het lijkt voorlopig niet nodig er eentje op te zetten. Samen met een handvol andere mensen dwalen we van zaal naar zaal. Italiaanse landschappen, stillevens, portretten, veel variaties van religieuze taferelen. Suzanna die door de Ouderlingen bepoteld wordt. Christus die lijdt, Christus die dood en bleek en grauw is, Christus die zijn volgers een lesje leert. De gekkigheden van Bosch en Breughel. Metershoge taferelen die kitschering aan doen, Marat die dood in zijn bad zit.

Na een uur of twee begint het ons te duizelen, we zoeken de uitgang. In normale tijden zouden we nog ergens op een terrasje iets gedronken hebben, misschien op zoek gegaan zijn naar iets te eten. Nu kopen we twee flesjes gekoeld bier die we opdrinken op een bankje in het Warandepark. Kinderen dollen in de speeltuin, eindelijk. Op het gras zitten mensen in duo, hier en daar een gezin. Jonge sportieve mannen lopen rondjes in een stevig tempo, een dronken oudere man wandelt op een bankje af en de jonge vrouw die er op zit kiest eieren voor haar geld en verlaat met flukse tred het park.

Wij zitten in onze veilige cocon, rond ons lijkt de wereld in brand te staan. Soms zijn er dagen die doen alsof er niets aan de hand is, daarna volgt er terug verbijstering en het besef dat dit systeem aan een traag maar zeker eindspel is gekomen. Als deze tijd een tarotkaart was, dan wel de Toren. Verandering. Vernietiging en het Verzet daartegen. Wat eerst eeuwig leek en gebaseerd op rotsvaste fundamenten en zekerheden verpulvert als los zand. De toren wankelt en stort in, is in niets nog aangepast aan het hier en het nu. Het nieuwe wordt geboren en dat gaat met veel lawaai en gekreun gepaard. Er vallen gewonden, doden, er is verlies en wanhoop. Het oude houdt zich vast aan macht, aan geld, aan zekerheden en structuren waarvan ze ons wijsmaken dat die er altijd waren en altijd zullen zijn. Of we dat geloven of niet maakt niet uit: een nieuwe barenswee rolt door ons tijdsgewricht en het is tijd om diep in te ademen en te duiken naar een andermaal begin.

img043-card-rand-1-768x1083

Plaats een reactie