- Het boek
Ik weet niet meer precies hoe ik precies Lidia Yuknavitch’ boek ‘The chronology of water’ ontdekte, of hoe het mij vond. Ik herinner me vaag iets over aanbevelingen op Bol.com. Sowieso: een boek met een dergelijke titel – intrigerend, mysterieus, veelbelovend – en een naam die een Slavische afkomst verraadt moet al heel erg zijn best doen om me te ontsnappen. Ik klikte op bestellen, kreeg het geleverd en vervolgens bleef het anderhalf jaar ongelezen rondslingeren in de buurt van mijn boekenkast. Tijdens het filmfestival van afgelopen oktober kwam ik er achter dat niemand minder dan Kirsten Stewart het boek had verfilmd, dus mijn interesse was gewekt.
Ondertussen weet ik dat ‘COW’, zoals het boek onder kenners gemakshalve afgekort wordt een behoorlijke cultreputatie heeft en het dus eigenlijk een beetje vreemd is dat ik er nog nooit van had gehoord. Yuknavitch bracht het uit in 2011 en als je er een genre moet opkleven, dan moet het wel een memoire heten. Ergens las ik dat het in de markt werd gezet als ‘anti-memoire’, maar ik heb er geen flauw idee van wat dat dan moet voorstellen. Als ik moet gokken, dan zal het de uitgever wel te doen zijn geweest om Yuknavitch zelf als anti-heldin – zowel in het boek als daarbuiten – neer te zetten. Rebellie verkoopt, het is enkel een kwestie van de juiste doelgroep te vinden.
Van memoires verwachten we dat ze beginnen bij het begin en stoppen waar het moet eindigen. Dat is niet hoe Yuknavitch het aanpakt, ze hinkstapspringt tussen gebeurtenissen en momenten. Soms komt ze op haar passen terug, dan onderbreekt ze zichzelf en herhaalt wat ze aan het vertellen was op een andere manier. Eerlijker. Zonder franjes en zonder zichzelf en anderen te sparen. Die associatieve manier van schrijven voelt heel logisch en natuurlijk aan. Soms is ons leven heel duidelijk te scheiden in een moment van voor en na, veel vaker zijn de hectaren van ons geheugen drijfzand: verraderlijk en onderhevig aan veranderingen. In die zin is deze anti-memoire misschien wel veel meer een memoire dan die andere verhaaltjes die onder die noemer verkocht worden. Chronologisch afgebakend en reizend van punt a naar punt b door een rechte lijn te volgen – nog altijd de kortste weg tussen twee bestemmingen.
‘The chronology of water’ begint in de bevallingskamer, waar Yuknavitch een dood kind uit haar lijf moet zien te persen. Ze is nog erg jong, ergens begin de twintig en getrouwd met een brave ziel die ze op de universiteit leerde kennen. De Lidia daar is wild, kwaad, gevaarlijk, drinkt als een Zwitser en snuift, spuit, slikt alles wat ze te pakken kan krijgen. Iets met haar vader. Iets met haar moeder. Iets met haar zus die 8 jaar ouder is en het ouderlijk huis ontvlucht zodra ze kan. Lidia die achterblijft en zwemt alsof haar leven ervan afhangt. In zekere zin is dat ook zo.
COW is een rauw verslag van hoe een mens tientallen jaren lang puin moet ruimen om de sporen misbruik en verwaarverlozing in de kindertijd weg te werken. Hoe we onszelf altijd meer verachten dan de rest van de wereld doet en hoe we onzelf bijgevolg navenant behandelen: verslavingen, verdovingen, iets van seks. Op de één of andere manier raakt de mesthoop opgekuist, gaat de storm binnenin liggen. Het aloude recept: hier en daar een sterveling die het goed met je voorheeft, iets in je ziet dat jij nog niet kunt zien en je op weg zet. De rest moet je zelf doen.
2. De film
Op het filmfestival kwam het er niet van, maar gisteren konden we in de Sphinx terecht voor het debuut van Stewart. Voor wie het zich nog herinnert: zij was het brave meisje in de vampierenfilms die gebaseerd waren op de Young Adult boekenreeks Twilight. Gelukkig voor ons heeft Stewart zichzelf heruitgevonden en is ze erin geslaagd om het platgetreden pad van doordeweekse Hollywoodactrice in doordeweekse Hollywoodfilms achter zich te laten. Vandaag is ze openlijk lesbisch en woke genoeg om de juiste mensen op de zenuwen te werken.
Ik had er wel vertrouwen in, dat ze ‘The chronology of water’ niet zou verneuken. De vraag ‘hoe gaat ze dat boek in hemelsnaam vertalen naar het witte doek?’ bleef wel overeind. Van abortus tot BDSM over ongeremde damesliefde en dronken rijden en een ongeval veroorzaken, er worden in het boek geen taboes geschuwd. Yuknavitch neemt geen blad voor de mond en een kut is een kut.
Toen we buitenkwamen vroeg mijn man wat ik ervan vond en ik antwoordde dat ik het een erg geslaagde poging vond, al is er toch wat ontsmettingsmiddel aan te pas gekomen. Stewart blijft behoorlijk trouw aan de geest van het boek, maar het lukt niet helemaal om de volledige razernij en wanhoop in beelden om te zetten. Dat lijkt me ook niet mogelijk, dus ik beschouw de film als the next best thing naast het boek. De boodschap is dus: lees het boek als je op zoek bent naar the full monty. Ik ben in elk geval blij dat ik eerst COW las en dan pas de film zag, want uit het gesprek met mijn kon ik wel afleiden dat je niet de hele context bij elkaar kunt puzzelen op basis van enkel de film.
Verder snap ik volkomen dat je als regisseur keuzes moet maken in welke scenes je geschikt acht voor verfilming, maar het tafereel waarin vader het gezin meesleurt naar het hol van Pluto om een kerstboom te gaan kappen was me toch iets te veel gecastreerd.
